Voorbeeld: er wordt niets bewaard
Grote en kleine terts
Nog één keer kijken naar wat je miste.
Twee tertsen, een halve toon verschil.
De grote terts is vier halve tonen, de kleine terts drie. Luister naar helder tegenover donker.
Geen geluid? Controleer je volume en kijk of je telefoon niet op stil staat.
Helder of donker?
Met een liedje dat je kent gaat het sneller.
Neurie de eerste twee noten van een melodie die je uit je hoofd kent, en je hebt het interval. Je stopt met tellen en begint te herkennen.
Twee openingen om te onthouden.
“When the Saints Go Marching In” begint met een grote terts. “Greensleeves” begint met een kleine terts.
Speel beide tertsen vanaf C, en dan vanaf D.
C naar E is vier halve tonen, C naar Es drie. Vanaf D: D naar Fis is de grote terts, D naar F de kleine.
Neurie mee: begint het zoals The Saints, of zoals Greensleeves?
De terts geeft ook een akkoord zijn kleur.
Een majeurakkoord heeft onderin een grote terts; een mineurakkoord een kleine terts. Die ene halve toon verandert de sfeer.
Hoor de terts in een akkoord.
Alleen de middelste noot beweegt, een halve toon. Het is hetzelfde helder en donker als bij de tertsen.
Majeurakkoord of mineurakkoord?
Je hoort het verschil tussen majeur en mineur.
Wat je geleerd hebt
- Een grote terts, vier halve tonen, klinkt helder; een kleine terts, drie, klinkt donker.
- Een liedje dat je uit je hoofd kent, maakt van tellen herkennen.
- De terts onderin maakt een akkoord majeur of mineur.
Je reeks: 0 dagen
Geen sterren meer voor deze stap.
Elke poging maakt de volgende makkelijker.